Het laatste pontje
- Personages:
- veerman Kees Hoogendoorn, wethouder Ellen Brinkman, Annelies de Wit
Om tien over zeven ’s ochtends maakt de Zwaluw zich los van de steiger. Aan boord: drie scholieren met fietsen, een melkveehouder met een aanhanger en een vrouw in een ziekenhuisuniform. De overtocht over de rivier duurt vier minuten. Over een halfjaar bestaat hij misschien niet meer.
Het veer tussen Ravenswaarde en de overkant vaart al sinds 1921. Wie het mist, moet zeventien kilometer omrijden via de dichtstbijzijnde brug. Toch heeft de gemeente vorige maand aangekondigd de jaarlijkse subsidie van 140.000 euro te willen schrappen. „We moeten keuzes maken,” zegt wethouder Ellen Brinkman (Financiën). „Het pontje vervoert gemiddeld negentig mensen per dag. Daar staat een bedrag tegenover dat we ook aan jeugdzorg of armoedebestrijding kunnen besteden.”
Veerman Kees Hoogendoorn (61) vaart al dertig jaar heen en weer. Hij kent de meeste passagiers bij naam, weet wie er op dinsdag naar de fysiotherapeut moet en welke scholier altijd te laat is. „Negentig mensen,” herhaalt hij, terwijl hij de motor stationair laat draaien. „Dat klinkt als weinig. Maar voor die negentig is het het verschil tussen een kwartier en drie kwartier naar je werk. Of tussen zelf naar school fietsen en met de auto gebracht moeten worden.”
De bezwaren beperken zich niet tot het dorp. De Fietsersbond wijst erop dat het veer deel uitmaakt van een regionale fietsroute die jaarlijks duizenden recreanten trekt. Een ondernemersvereniging aan de overkant vreest omzetverlies. En de middelbare school in de stad verderop rekent voor dat bij opheffing tientallen leerlingen dagelijks de bus moeten nemen, die nu al overvol is.
Opvallend is dat bijna niemand de financiële problemen van de gemeente ontkent. De discussie gaat niet zozeer over de vraag óf er bezuinigd moet worden, maar over wat een gemeenschap eigenlijk als voorziening beschouwt. „Een pontje is geen luxe en ook geen nostalgie,” zegt Annelies de Wit, die een petitie startte die inmiddels door ruim vierduizend mensen is ondertekend. „Het is infrastructuur. Alleen is het toevallig infrastructuur die drijft.”
Inmiddels liggen er alternatieven op tafel. Een stichting van vrijwilligers zou de exploitatie kunnen overnemen, met een kleinere bijdrage van de gemeente. De provincie onderzoekt of het veer onder een regionale regeling voor fietsroutes kan vallen. En een lokale ondernemer heeft aangeboden het verschil te betalen als de kaartjesprijs omhooggaat, zodat scholieren niet meer gaan betalen. Of een van die plannen haalbaar is, moet blijken in de gemeenteraadsvergadering van volgende maand.
Aan de overkant legt de Zwaluw aan. De vrouw in het ziekenhuisuniform, op weg naar huis na haar nachtdienst, loopt met haar fiets de steiger op en steekt haar hand op naar Hoogendoorn. „Tot vanavond, Kees.” Hij knikt. Hoeveel avonden het nog zullen zijn, weet hij niet. „Ik vaar tot iemand zegt dat ik moet stoppen,” zegt hij. „En dan nog een week, om iedereen gedag te zeggen.”