NLnl-learn

Voegwoorden: hoofdzin of bijzin?

Союзы: какой порядок слов после какого

A2 · Элементарный · ≈ 25 мин

Проблема не в значении союзов, а в том, что каждый требует своего порядка слов. Их всего три группы: одни ничего не меняют, вторые вызывают инверсию, третьи отправляют глагол в конец. Разложим по полочкам.

1. Группа 1: ничего не меняется

Nevenschikkende voegwoorden
  • en

    Перевод

    и

    Voorbeeld

    Ik werk in Arnhem en mijn vrouw werkt in Velp.

  • maar

    Перевод

    но

    Voorbeeld

    Het is klein, maar het is gezellig.

  • want

    Перевод

    потому что

    Voorbeeld

    Ik blijf thuis, want ik ben ziek.

  • of

    Перевод

    или

    Voorbeeld

    Nemen we de bus of gaan we lopen?

  • dus

    Перевод

    значит, поэтому

    Voorbeeld

    Het regent, dus ik neem de tram.

После этих союзов идёт обычное предложение: подлежащее, потом глагол. want и dus нельзя ставить в начало всего высказывания — только между частями.

2. Группа 2: наречия — инверсия

Эти слова — не союзы, а наречия. Они занимают первую позицию, поэтому дальше сразу идёт глагол, а подлежащее уезжает на третье место.

Bijwoorden met inversie
  • daarom

    Перевод

    поэтому

    Voorbeeld

    Ik was ziek. Daarom ben ik thuisgebleven.

  • dan

    Перевод

    тогда

    Voorbeeld

    Bel me even. Dan kom ik naar je toe.

  • toch

    Перевод

    всё же

    Voorbeeld

    Het regende. Toch gingen we fietsen.

  • anders

    Перевод

    иначе

    Voorbeeld

    Neem een jas mee, anders word je nat.

  • bovendien

    Перевод

    кроме того

    Voorbeeld

    Het is duur. Bovendien is het te ver.

  • daarna

    Перевод

    потом

    Voorbeeld

    Daarna zijn we naar huis gegaan.

  • misschien

    Перевод

    может быть

    Voorbeeld

    Misschien komt hij later.

Проверка простая: если предложение начинается с любого слова, кроме подлежащего, — глагол идёт вторым. Это то же правило V2 из первого урока A1.

3. Группа 3: глагол в конец

Onderschikkende voegwoorden
  • dat

    Перевод

    что

    Voorbeeld

    Ik denk dat het te laat is.

  • omdat

    Перевод

    потому что

    Voorbeeld

    Ik kom niet, omdat ik ziek ben.

  • als

    Перевод

    если, когда

    Voorbeeld

    Als je klaar bent, bel me.

  • toen

    Перевод

    когда (прошлое)

    Voorbeeld

    Toen ik binnenkwam, ging de telefoon.

  • terwijl

    Перевод

    пока

    Voorbeeld

    Terwijl hij kookte, dekte ik de tafel.

  • voordat / nadat

    Перевод

    прежде чем / после того как

    Voorbeeld

    Voordat we gingen, aten we iets.

  • hoewel

    Перевод

    хотя

    Voorbeeld

    Hoewel het koud was, fietsten we.

  • zodat

    Перевод

    чтобы, так что

    Voorbeeld

    Ik bel je op, zodat je het weet.

  • of

    Перевод

    ли

    Voorbeeld

    Ik weet niet of hij komt.

Одна мысль — три способа сказать

Ik blijf thuis, omdat ik ben ziek.

Ik blijf thuis, want ik ben ziek. / …omdat ik ziek ben. / Ik ben ziek, dus ik blijf thuis.

Три союза — три разных порядка. Смысл один и тот же.

Ik was ziek. Daarom ik bleef thuis.

Ik was ziek. Daarom bleef ik thuis.

Daarom — наречие в первой позиции, дальше инверсия.

Hoewel het regende, we gingen fietsen.

Hoewel het regende, gingen we fietsen.

Придаточное на первом месте → в главном инверсия.

Dialoog — Waarom niet met de auto?

Обсуждают, как добраться до Неймегена.

  1. Sanne

    Gaan jullie met de auto naar Nijmegen?

    Вы поедете в Неймеген на машине?

  2. Alex

    Nee, want parkeren is daar duur. Bovendien staat het altijd vast bij de brug.

    Нет, потому что парковка там дорогая. К тому же у моста вечно пробка.

    want — обычный порядок; bovendien — инверсия.

  3. Sanne

    Dus jullie nemen de trein?

    Значит, поедете на поезде?

  4. Alex

    Ja. Omdat het maar twintig minuten duurt, is dat gewoon sneller.

    Да. Так как это всего двадцать минут, так просто быстрее.

    omdat — глагол в конец, дальше в главном инверсия: is dat.

  5. Sanne

    Slim. Neem wel een jas mee, anders word je nat.

    Разумно. Только возьми куртку, иначе промокнешь.

    anders — инверсия.

  6. Alex

    Doe ik. Hoewel het nu droog is, gaat het vanmiddag regenen.

    Возьму. Хотя сейчас сухо, после обеда обещают дождь.

4. Veelgemaakte fouten

Daarom ik ben thuisgebleven.

Daarom ben ik thuisgebleven.

Daarom занимает первое место → инверсия.

Ik kom niet, omdat ik heb geen tijd.

Ik kom niet, omdat ik geen tijd heb.

После omdat глагол уходит в конец.

Want ik ben ziek, blijf ik thuis.

Omdat ik ziek ben, blijf ik thuis.

want не может открывать предложение.

Het regent, dus neem ik de fiets niet mee. → Dus ik neem de fiets niet mee.

Dus neem ik de fiets niet mee.

Если dus стоит первым словом, работает инверсия.

Ik weet niet als hij komt.

Ik weet niet of hij komt.

«Ли» — это of.

Misschien hij komt later.

Misschien komt hij later.

Misschien в первой позиции требует инверсии.

Woordenlijst

  • bovendien

    кроме того

    Bovendien is het te duur.

  • toch

    всё же, всё-таки

    Toch gingen we fietsen.

  • anders

    иначе

    Neem een jas, anders word je nat.

  • vaststaan

    стоять в пробкеspreektaal

    Het staat vast bij de brug.

  • duren

    длиться

    De reis duurt twintig minuten.

  • hoewel

    хотя

    Hoewel het koud was, fietsten we.

Нашли ошибку или неточность в этом уроке? Напишите мне →