NLnl-learn

Onbepaalde voornaamwoorden: iemand, niets, elke, sommige

Хтось, ніхто, кожен: неозначені слова

A2 · Елементарний · ≈ 22 хв

Ці слова здаються дрібницею, доки не знадобиться сказати «хтось телефонував», «нічого не лишилося» чи «деякі сусіди». Розберемо весь набір одразу, з парами, які плутають найчастіше.

1. Люди й речі

Основний набір
  • iemand

    Переклад

    хтось

    Voorbeeld

    Er heeft iemand gebeld.

  • niemand

    Переклад

    ніхто

    Voorbeeld

    Er was niemand thuis.

  • iedereen

    Переклад

    усі, кожен

    Voorbeeld

    Iedereen was op tijd.

  • iets

    Переклад

    щось

    Voorbeeld

    Wil je iets drinken?

  • niets / niks

    Переклад

    нічого

    Voorbeeld

    Er is niets meer over.

  • alles

    Переклад

    усе

    Voorbeeld

    Alles is geregeld.

  • ergens

    Переклад

    десь

    Voorbeeld

    Mijn sleutels liggen ergens in huis.

  • nergens

    Переклад

    ніде

    Voorbeeld

    Ik kan ze nergens vinden.

  • overal

    Переклад

    скрізь

    Voorbeeld

    Er staan overal fietsen.

niks — розмовний варіант niets, звучить постійно: Er is niks aan de hand — «нічого не сталося».

2. Кількості

Від усіх до нікого
  • alle

    Переклад

    усі (перед іменником)

    Voorbeeld

    Alle winkels zijn zondag dicht.

  • allemaal

    Переклад

    усі (після дієслова)

    Voorbeeld

    Ze zijn allemaal op vakantie.

  • elke / iedere

    Переклад

    кожен

    Voorbeeld

    Elke maandag is er markt.

  • veel

    Переклад

    багато

    Voorbeeld

    Er waren veel mensen.

  • weinig

    Переклад

    мало

    Voorbeeld

    Ik heb weinig tijd.

  • sommige

    Переклад

    деякі

    Voorbeeld

    Sommige buren klagen altijd.

  • een paar

    Переклад

    пара, кілька

    Voorbeeld

    Ik blijf nog een paar dagen.

  • allebei / beide

    Переклад

    обидва

    Voorbeeld

    We gaan allebei mee.

  • geen enkele

    Переклад

    жоден

    Voorbeeld

    Er is geen enkele bus na twaalf.

Пари, які плутають

Alle maandag is er markt.

Elke maandag is er markt.

alle вимагає множини.

Ze zijn alle op vakantie.

Ze zijn allemaal op vakantie.

Після дієслова використовується allemaal.

Sommige mensen komt niet.

Sommige mensen komen niet.

sommige + множина, дієслово теж у множині.

3. Заперечення: одне на речення

Як і з niet/geen, подвійного заперечення немає. Одне заперечне слово — і досить.

  • Er was niemand thuis.

    Удома нікого не було.

    Одне niemand, без додаткового niet.

  • Ik kan mijn sleutels nergens vinden.

    Я ніде не можу знайти ключі.

  • Er is niets meer over van de taart.

    Від торта нічого не лишилося.

  • Geen enkele winkel is op zondag open.

    Жоден магазин не відчинений у неділю.

Dialoog — Wie heeft er gebeld?

Розмова вдома ввечері.

  1. Nora

    Er heeft iemand gebeld, maar hij zei niets op de voicemail.

    Хтось телефонував, але на автовідповідачі нічого не сказав.

  2. Alex

    Misschien de tandarts? Iedereen belt de laatste tijd over afspraken.

    Може, стоматолог? Останнім часом усі телефонують щодо записів.

  3. Nora

    Kan zijn. Trouwens, alle winkels zijn morgen dicht, het is een feestdag.

    Може бути. До речі, завтра всі магазини зачинені, свято.

  4. Alex

    Alle? Ook de Albert Heijn?

    Усі? І Albert Heijn теж?

  5. Nora

    Sommige supermarkten gaan 's middags open, maar geen enkele bakker.

    Деякі супермаркети відчиняються після обіду, а от пекарні — жодна.

  6. Alex

    Dan haal ik nu een paar broden. Is er nog iets anders nodig?

    Тоді я зараз візьму пару хлібин. Ще щось потрібно?

    iets anders — «щось інше».

  7. Nora

    Nee, verder niets. Of toch: melk, we hebben nergens meer een volle fles staan.

    Ні, більше нічого. Хоча ні: молоко, у нас ніде не лишилося повної пляшки.

4. Veelgemaakte fouten

Er was niemand niet thuis.

Er was niemand thuis.

Подвійного заперечення немає.

Alle dag ga ik met de fiets.

Elke dag ga ik met de fiets.

elke + однина.

Ik wil iets lekker eten.

Ik wil iets lekkers eten.

Після iets прикметник отримує -s.

Sommigen winkels zijn dicht.

Sommige winkels zijn dicht.

Перед іменником — sommige; sommigen стоїть самостійно («деякі люди»).

Ze komen alle om zes uur.

Ze komen allemaal om zes uur.

Після дієслова — allemaal.

Ik kan nergens niet vinden.

Ik kan het nergens vinden.

nergens уже заперечення, і додаток треба назвати.

Woordenlijst

  • niks aan de hand

    нічого страшногоspreektaal

    Geen zorgen, niks aan de hand.

  • de feestdagмн. feestdagen

    святковий день

    Morgen is het een feestdag.

  • sommige

    деякі

    Sommige winkels zijn open.

  • een paar

    кілька

    Nog een paar dagen.

  • allebei

    обидва

    We gaan allebei mee.

  • geen enkele

    жоден

    Er is geen enkele bus.

Знайшли помилку або неточність у цьому уроці? Напишіть мені →